fragment

Sterre

Fragment uit Sterre, (bladzijde 9)

Ik loop naar de schouw. Daar hangt ze. Levensgroot, samen met papa. Al mijn hele leven kijkt ze me aan. En altijd met die onderzoekende blik van haar. Hoezo, zit mijn haar soms niet goed? Is mijn jurk niet naar uw zin? Langzaam draai ik me om voor het schilderij en laat mijn rode jurk van alle kanten zien. Mooi hè, mama? Net zo rood als die van u. Speciaal voor de kermis. Tante Suerius gaat er met Lodewijk, Philips en mij naar toe. Waar blijven die twee toch? Ik kan bijna niet meer wachten.

Op het schilderij kijkt mama me nog steeds aan. Sterre noemt papa haar in zijn gedichten: mijn Sterre. Een maand geleden heeft hij mij een stukje voorgelezen uit een gedicht dat hij heeft gemaakt toen mama doodging.